Dit is de blogsite van PSV CARNAVAL. Hier lees je de laatste roddels uit het Lampegat, ervaar je onze belevenissen en krijg je een kijkje in de keuken van onze club. Dit jaar met een speciaal Fries tintje...

woensdag 18 februari 2009

Wat geheid staat te gebeuren

Carnaval is bij uitstek een feest dat aan elkaar hangt van vaste gewoontes en tradities. En eigenlijk is dat raar, omdat iedere carnavalsvierder juist claimt het feest zo leuk te vinden omdat je even uit de dagelijkse sleur stapt. En wat krijgen we er vier dagen voor in de plaats? Een carnavalssleur. Ik wil wedden dat het programma van de meeste carnavalisten al jaren hetzelfde is. Altijd dezelfde kroeg of activiteit op ongeveer hetzelfde tijdstip, waar je ongeveer dezelfde mensen ontmoet als het jaar ervoor, toch? Voor ons PSV’ers geldt eigenlijk niks anders. Zo weet ik nu al weer precies wat mij van zaterdag tot en met dinsdag gaat overkomen. Hieronder een kleine selectie van hoogte- en dieptepunten. Het zal misschien een minuutje schelen, maar veel meer ook niet:

1. Zaterdag, 11.08 uur. Ik bestel een kroketburger en koffie bij McDonalds op de Markt. De eerste foto’s worden gemaakt.
2. Zaterdag, 16.34 uur. In Café Altstadt zondig ik tegen een van mijn carnavalswetten en sta ik met drie glazen bier in mijn handen. Ik heb kastelein Twan dan al gekust.
3. Zaterdag, 21.25 uur. In het Stadspaviljoen raakt Vorst Bas is in paniek, terwijl niemand van de Raad luistert. Mij overvalt een gevoel van ‘het zal allemaal wel’, dat ik de rest van de carnaval niet meer kwijtraak.
4. Zondag, 12.22 uur. In het Stadspaviljoen drink ik m’n eerste biertje van die dag en het smaakt nog ook. Seppe en Pypken hebben er dan al drie op.
5. Zondag, 16.28 uur. Ik neem afscheid van Yvonne, Job en Noa die ik woensdag pas weer ga zien. Ik zoek daarna het gezelschap van Ruud Bleeker op om ‘ns fatsoenlijk bij te kletsen.
6. Zondag, 20.43 uur. Ik rook samen met Pieter een sigaret buiten het Stadspaviljoen en we vragen ons af waar de bezoekers blijven. Van een Rood Wit Garde lid krijg ik een biertje waar ik eigenlijk geen zin in heb maar natuurlijk niet kan afslaan.
7. Maandag, 10.58 uur. Ik zit op het toilet op m’n logeeradres en constateer dat m’n darmen ook dit jaar protesteren tegen de te verwerken hoeveelheden bier. Ik hoor muziek in m’n kop.
8. Maandag, 16.56 uur. Op het Stratumseind wordt Seppe kwaad omdat het tempo van de kroegentocht volgens hem veel te laag ligt. We besluiten om dan maar met z’n tweeën een kroeg in te gaan. De rest kan barsten. Ze zoeken het maar uit.
9. Maandag, 22.17 uur. In het Dorint begint het bier me tegen te staan. Ik besluit bier met bier te bestrijden en drink gewoon door. M’n sluitspier vertrouw ik ook al niet meer.
10. Dinsdag, 14.21 uur. In de Strijpse Ketel schotelt Kees ons weer een mooi assortiment borrels voor. De eerste glazen bier zitten er dan al in. De ene minuut voel ik me top, het volgende moment klote. Ik zweet alcohol.
11. Dinsdag, 23.49 uur. Het besef dat het er bijna weer opzit, dringt tot me door. Pypken laat nog één puupke, maar m’n zintuigen zijn nu in zo’n staat dat ik dat zelfs niet opmerk. Nog een paar biertjes dan. Op de goede afloop.

Oant Sjen!

Pierke